Terug naar het overzicht

Hoogte stoel

De hoogte van de stoel wordt bepaald door de lijn door heup en knie: deze lijn is horizontaal of iets aflopend. Ofwel, de hoogte van de knie is gelijk aan of iets lager dan de heup.


Zitdiepte
Tussen de knieholte en de rand van het zitkussen moet ongeveer een vuistbreedte kunnen. Dit is een arbitrair gegeven. Uiteindelijk moet er ruimte zijn voor bloedvaten en zenuwbanen. Een te diep zitkussen initieert ‘onderuit’ zitten.

Hoogte armsteun

Gebruiker zit goed rechtop, schouders zijn ontspannen en de ellebogen zijn gebogen met handen op de schouder van dezelfde arm. Bij deze uitgangshouding raakt de elleboog juist de armsteun. Als gebruiker nu de onderarm laat rusten op de armsteun blijft de nek-schouderlijn ontspannen.

Breedte armsteun

Het steunvlak van de armsteun biedt ondersteuning aan de onderarm, terwijl de bovenarm licht wijkt van de romp. 

Lendensteun

De rugleuning heeft een lichte welving aan onderzijde. Deze lumbaalsteun ondersteunt de bovenrand van het bekken overgaand in de lumbale lordose. 

Dynamisch zitten

Afhankelijk van het type bewegingsmechanisme van de stoel kunnen rugleuning en zitting tijdens het zitten dynamisch worden ingesteld. Let hierbij vooral op de gewichtsinstelling (tegendruk) die afhankelijk is van het postuur van de gebruiker. 

Hoogte werkblad

De hoogte van het werkblad is gelijk aan de hoogte van de armsteunen. Gebruiker zit in de stoel en schuift aan. Het werkblad wordt op gelijke hoogte gebracht met de bovenzijde van de armsteunen. De armen worden op deze wijze ondersteund door de armsteunen, overgaand op het werkblad.  

Mogelijk schuift gebruiker liever dichter aan dan dat de armsteunen toelaten. In dit geval worden de armsteunen slechts gebruikt ter bepaling van de hoogte werkblad, en worden vervolgens lager ingesteld. De armsteunen passen nu onder het werkblad en gebruiker vindt ondersteuning op het werkblad. Voorwaarde is dat het werkblad voldoende diepte biedt.

Zie instellen hoogte armsteun, met dit verschil dat gebruiker aan het werkblad staat. Bij een rechtop staande houding raken beide ellebogen juist het werkblad.  

Op deze werkhoogte staat gebruiker rechtop en zijn beide armen op juiste wijze door het werkblad ondersteund.